Circulaire gemeentewerf Den Brielstraat
Geoogst uit voormalige werf en restmateriaal van Leidsche Plein
Circulaire gemeentewerf Den Brielstraat
De gemeentewerf op de Den Brielstraat is één van de nieuwbouwprojecten van het programma ‘Transitiewerven en overslagpunten’ van de gemeente Amsterdam. Witteveen+Bos heeft het gebouw, het terrein en een deel van de kade ontworpen. Met focus op slim ruimtegebruik, gericht op efficiënte bedrijfsvoering en toekomstbestendig. De gemeentewerf huisvest de afdeling Handhaving en Toezicht (THOR) en de afdeling Stadswerken verantwoordelijk voor onderhoud aan het groen, de openbare ruimte en tunnels, bruggen, sluizen en kades.
Veilig en functioneel
Op de compacte hoofdkavel zijn gebouw, terrein en kade ingericht met expliciete aandacht voor veiligheid en korte looplijnen. De kleine voertuigen worden onder en op het parkeerdek gestald, direct naast de toegang. Op de begane grond nabij de uitgiftebalie en magazijnen en op de 1e verdieping nabij de kleedkamers. De grote voertuigen worden aan de andere zijde van het gebouw gestald, naast de wasplaatsen. Opslag- en stallingsruimte die minder frequent worden gebruikt, zijn voorzien op een verder gelegen kavel, net als het stortperron. Publieke en private toegangen zijn gescheiden, net als diverse vervoersstromen.
De plint van het gebouw is een verlengstuk van de werf met magazijnen, opslag en werkplaatsen. Alle werkplaatsen zijn opgenomen in het hoofdgebouw, zodat het personeel gebruik kan maken van de faciliteiten (kantine, kleedruimte) en zodat er (toe)zicht is op de civiele werkplaats vanuit de naastgelegen werkplekken op hoogte.
Atrium als spil
Het atrium is de spil van de verschillende functies die het gebouw huisvest. Toegangen vanaf de openbare ruimte, het werkerf en het parkeerdek zijn hier centraal samengebracht op de begane grond en de eerste verdieping. Vanuit dit centrum zijn korte looplijnen en lange zichtlijnen vormgegeven. De centrale open trap, de lift en toiletten zijn strategisch gepositioneerd op de overgang van kantoor- en buitendienstfuncties.
Terrassen voor ontmoeting
Het centrale atrium is ook het sociale hart. Het verbindt fysiek en visueel de verschillende functies en afdelingen. Het biedt oriëntatie en stimuleert beweging en (informele) ontmoeting. De getrapte vorm opent naar boven. Pantry’s op de ‘terrassen’ faciliteren sociale cohesie en informatie-uitwisseling tussen de gebruikers.
Comfortabel en duurzaam
Op de verdiepingen zijn de kantoorwerkplekken als een ring rond het atrium georganiseerd met tweezijdig daglicht en zicht op de ontmoetingsplekken in het atrium. Het sheddak brengt het indirecte daglicht van het noorden diep het gebouw binnen en blokkeert directe zonlicht van het zuiden. De kernen in het midden worden gebruikt voor functies die geen daglicht behoeven of waar kortstondig in wordt verbleven. Optimaal daglicht beperkt energieverbruik voor verlichting.
Daarnaast minimaliseren de compacte gebouwvorm, hoogwaardige isolatie en centraal gepositioneerde installaties (met kort leidingverloop) het energie- én materiaalgebruik. Om de energiebehoefte nog verder te beperken is gekozen voor borstweringen waar de gevel optimaal kan worden geïsoleerd, terwijl het daglicht diep het gebouw binnenkomt. De diepe negges van de ramen dragen met hun zonwerende functie bij aan het beperken van de koellast.
Circulair materiaalgebruik
Voor zowel de constructie als voor de gevelafwerking is gekozen voor hergebruikte materialen. Eerst is gekeken naar welke materialen vanuit sloop of uit restafval hergebruikt kunnen worden. Vervolgens zijn ook nieuwe materialen gekozen met een hoge mate van herbruikbaarheid bij einde levensduur van het gebouw. De constructie bestaat grotendeels uit stalen kolommen en liggers van de huidige werf die zijn hergebruikt en biobased houten kanaalplaatvloeren.
In de gevels is overgebleven natuursteen van de herinrichting van het Leidse Plein gebruikt, maar ook stalen gevelbeplating van de huidige werf. De bakstenen gevels refereren met hun warmrode kleur aan de industriële panden in de directe omgeving. Ook hiervoor is circulair materiaal uitgangspunt, door de toepassing van hergebruikte gevelstenen.
Ecologisch en klimaatadaptief
De groene gevels dragen bij aan biodiversiteit en beperking van hittestress. Het groendak op de werkplaatsen heeft kratten onder het substraat die regenwater vasthouden, zodat dit tijdens piekbuien vertraagd kan worden afgevoerd. De luifel boven het parkeerdek beperkt hittestress en heeft PV-panelen die de werf voorzien van duurzame energie. In de zuidzijde van het gebouw zijn vleermuiskasten geïntegreerd. Deze zone biedt ecologische potentie door de nabijheid van water en door verschillende geveloriëntaties, waardoor vleermuizen kunnen verhuizen naar warmere of koelere gevels.
Meer informatie